ECLI:NL:GHARL:2013:BZ5995
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling incidentele vordering en memorie van grieven in hoger beroep civiele zaak
In deze civiele hogerberoepsprocedure tussen PlasBossinade c.s. en Brooke Holland c.s. heeft PlasBossinade c.s. een incidentele vordering tot schorsing van de uitvoerbaarheid bij voorraad ingediend, zonder voorafgaande memorie van grieven. Het hof oordeelt dat er geen noodzaak is om eerst op dit incident te beslissen voordat grieven kunnen worden geformuleerd, mede gelet op het belang van een doelmatige procesvoering en de aard van de veroordeling tot schadevergoeding.
De rolraadsheer stelt vast dat PlasBossinade c.s. op juiste wijze partijperemptoir zijn gesteld en dat het opwerpen van een incident in deze fase op eigen risico is. Het processtuk van 19 maart 2013, hoewel niet als memorie van grieven aangeduid, bevat voldoende grieven en wordt daarom als zodanig aangemerkt. Het verzoek om een aparte memorie van grieven wordt verworpen, ondanks dat dit voor PlasBossinade c.s. nadelig kan zijn.
De procedure wordt voortgezet met reactie van Brooke Holland c.s. op het incidentele verzoek, waarna arrest in het incident volgt. Daarna mag Brooke Holland c.s. een memorie van antwoord nemen in de hoofdzaak, met mogelijkheid tot gelijktijdige behandeling van incident en hoofdzaak. Er is geen aanleiding voor tussentijdse cassatie. De rolbeslissingen van 19 maart 2013 blijven gehandhaafd.
Uitkomst: Het verzoek tot het nemen van een aparte memorie van grieven wordt afgewezen en het processtuk van 19 maart 2013 wordt als memorie van grieven aangemerkt.