ECLI:NL:GHARL:2013:BZ0610
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Beswerda
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid en rechtmatigheid van uitvaardiging dwangbevel door het CJIB bevestigd
Betrokkene verzette zich tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel uitgevaardigd op 23 juni 2011, stellende dat geen rechtsgeldige sanctie was opgelegd en dat het dwangbevel niet door de officier van justitie maar door het CJIB was uitgevaardigd zonder mandaat.
De kantonrechter verklaarde het verzet ongegrond, waarna betrokkene hoger beroep instelde. Het hof oordeelde dat het door het CJIB toegezonden stuk als beschikking beschouwd moest worden, en dat betrokkene tegen dit stuk beroep had moeten instellen indien hij gebreken zag.
Het hof stelde vast dat het dwangbevel feitelijk door het CJIB was genomen, maar dat dit bevoegdelijk gebeurde op grond van schriftelijk mandaat van de officier van justitie te Leeuwarden. De digitale handtekening van de officier van justitie werd gebruikt binnen een geautomatiseerd systeem.
Het hof concludeerde dat het mandaat rechtsgeldig was en dat het dwangbevel daarmee rechtmatig was uitgevaardigd. Het verzet van betrokkene werd dus terecht ongegrond verklaard, zij het op andere gronden dan de kantonrechter had aangevoerd.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt dat het dwangbevel bevoegdelijk door het CJIB is uitgevaardigd en verklaart het verzet van betrokkene ongegrond.