Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
[bedrijf 1]
1.[geïntimeerde 1] ,
[geïntimeerde 2] ,
[geïntimeerde 3] ,
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten en de procedure bij de kantonrechter
4.Vordering in hoger beroep
5.Beoordeling
[geïntimeerde 2](in meervoud) en de offerte is namens de BV’s door [geïntimeerde 1] getekend. De in de offerte genoemde werkzaamheden zien bovendien op alle daarin genoemde BV’s alsook op [geïntimeerde 1] in privé. Verder, zo stelt [appellant] , lopen in het midden- en kleinbedrijf, zoals ook bij [geïntimeerden] , zakelijke en privébelangen vaak door elkaar en is zij ook op die grond ervan uitgegaan dat elke afzonderlijk genoemde vennootschap en [geïntimeerde 1] in privé contractpartij zou zijn en dat ieder van die partijen hoofdelijk aansprakelijk zou zijn voor de betaling van de door [appellant] gefactureerde werkzaamheden.
’sin de aanhef van de offerte als een typefout. Volgens hen was het steeds de bedoeling dat alleen [naam] contractpartij zou zijn. [naam] had namelijk als enige de financiële middelen, zij ontving volgens afspraak daarom de facturen van [appellant] en betaalde die ook.
[geïntimeerde 2]en [geïntimeerde 1] deze heeft getekend bij
’ [bedrijf 4] ’s’mocht [appellant] niet afleiden dat [geïntimeerde 1] de overeenkomst mede in privé en namens de andere BV’s heeft willen aangaan, met het gevolg dat ook zij - naast [naam] - hoofdelijk tot betaling van de op naam van [naam] gestelde facturen zouden kunnen worden aangesproken. Anders dan [appellant] kennelijk meent, kan [geïntimeerde 1] als bestuurder van de vennootschappen ook niet zomaar met haar vennootschappen worden vereenzelvigd en leidt die hoedanigheid op zich evenmin tot aansprakelijkheid voor betaling van de facturen. De enkele stelling dat in het midden-en kleinbedrijf zakelijke en privébelangen vaak door elkaar lopen is daartoe in ieder geval onvoldoende. In dat verband gaat het hof voorbij aan de opmerking van [appellant] ter zitting bij het hof dat partijen zouden hebben afgesproken dat elk van de vennootschappen aansprakelijk zou zijn voor elkaars schulden, omdat [geïntimeerden] dat betwist en die stelling niet is geconcretiseerd en onderbouwd.
€ 1.824,-(tarief 1, 2 punten)