Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.Feiten
4.Beoordeling
(…)
€ 1.214,00(tarief II, 1 punt)
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak gaat het om de vernietiging van effectenleaseovereenkomsten door de echtgenote van de afnemer, [geïntimeerde], op basis van de artikelen 1:88 en 1:89 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De afnemer had meerdere leaseovereenkomsten afgesloten met Dexia, die op enig moment zijn geëindigd. De echtgenote heeft de overeenkomsten in 2005 buitengerechtelijk vernietigd en stelt dat de verjaring van de vordering uit onverschuldigde betaling tijdig is gestuit door de gevolmachtigde Leaseproces. Dexia betwist deze stuiting en doet een beroep op verjaring. Het hof oordeelt dat de verjaringstermijn is gestuit door de brieven van Leaseproces, waarin expliciet wordt verwezen naar de vorderingen van de echtgenote. Het hof bevestigt dat Dexia gehouden is tot terugbetaling van de bedragen die op basis van de leaseovereenkomsten zijn betaald, en bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter. Dexia wordt veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.