Uitspraak
[medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] , en de verdachte [verdachte] , is [medeverdachte 4] , in beeld gekomen.
“wijven”had die voor hem geld moesten overmaken. Bij de FIOD heeft zij hierover verklaard dat al het geld dat door andere personen op haar ING-bankrekening is gestort, voor de verdachte bedoeld was. Een deel heeft zij contant opgenomen en aan de verdachte gegeven. Daarnaast beschikte de verdachte over een bankpas van die rekening. De verklaring van [medeverdachte 4] wordt ondersteund door de verklaringen van andere aanvragers en diverse bankoverschrijvingen van de rekeningen van aanvragers naar de ING-rekening van [medeverdachte 4] . Ook [medeverdachte 1] heeft geld van aanvragers, afkomstig van de KOT-fraude, in ontvangst genomen en op haar bankrekening ontvangen. [medeverdachte 3] heeft eveneens KOT-gelden bij aanvragers opgehaald en afgestaan aan de verdachte, aldus haar verklaring. Bovendien hebben diverse aanvragers de verdachte op aan hen bij gelegenheid van hun verhoor getoonde foto’s herkend en verklaard dat zij rechtstreeks of via derden geld aan hem moesten geven dan wel moesten overmaken.
1.hij in de periode van 14 augustus 2013 tot en met 2 januari 2017 in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, telkens opzettelijk valse en/of vervalste geschriften voorhanden heeft gehad en daarvan gebruik heeft gemaakt, immers hebben verdachte en zijn mededader(s)
2.primairhij in de periode van 1 augustus 2012 tot en met 11 september 2018 in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander, geldbedragen van in totaal ongeveer 300.000,00 euro heeft verworven en voorhanden gehad en/of omgezet en heeft verhuld wie de rechthebbende op die geldbedragen was, terwijl hij, verdachte, en zijn mededader wisten dat die geldbedragen geheel of gedeeltelijk middellijk afkomstig waren uit enig misdrijf, terwijl hij, verdachte, en zijn mededader daarvan een gewoonte hebben gemaakt;
3.hij in de periode van 1 januari 2012 tot en met 11 september 2018 in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, te weten een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, bestaande uit onder andere hem, verdachte, en [medeverdachte 4] en [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk
gevangenisstrafvoor de duur van
25 (vijfentwintig) maanden.
9 (negen) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
teruggaveaan de verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten: