Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Toepasselijke regelgeving
Inleiding.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende verhuurt onbemande elektrische sloepen die via een online systeem worden geactiveerd en bestuurd door de huurders zelf. De gemeente Amsterdam legde naheffingsaanslagen vermakelijkheidsretributie op over 2011 en 2012, welke belanghebbende betwistte. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het hof bevestigt dit oordeel in hoger beroep.
Het geschil betreft de vraag of de verhuur van onbemande sloepen onder het begrip vermakelijkheid valt zoals bedoeld in de Verordening op de vermakelijkheidsretributie te water 2005. Belanghebbende stelde dat zij niet als belastingplichtige kan worden aangemerkt omdat zij geen bemande rondvaarten verzorgt en het aantal gebruikers niet controleerbaar is. Ook werd aangevoerd dat sprake is van dubbele belasting door binnenhavengeld en waterschapsbelasting.
Het hof oordeelt dat het verblijf aan boord van een vaartuig op binnen de gemeente gelegen water op zich een vermakelijkheid vormt en dat belanghebbende door verhuur van de sloepen deze vermakelijkheid bedrijfsmatig verschaft. Het feit dat de sloepen onbemand zijn en dat huurders zelf de route bepalen doet hieraan niet af. De heffing is niet in strijd met het gelijkheidsbeginsel en de verschillende heffingen kunnen naast elkaar bestaan. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en belanghebbende is belastingplichtig voor vermakelijkheidsretributie.