ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ0420
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontvankelijkheid beroepschrift tegen aanslag inkomstenbelasting 2007
Belanghebbende stelde beroep in tegen een aanslag inkomstenbelasting 2007, maar de rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens vermeende te late indiening van het beroepschrift. De kern van het geschil betrof de vraag of het beroepschrift tijdig ter post was bezorgd, waarbij de poststempel op de enveloppe 22 januari 2010 vermeldde, terwijl de beroepstermijn eindigde op 21 januari 2010.
Belanghebbende verklaarde ter zitting dat hij het beroepschrift vermoedelijk op 20 januari 2010 had verzonden, maar kon dit niet met zekerheid aangeven. De rechtbank ging uit van een ter post bezorging op 22 januari 2010 en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Het Hof overwoog dat de poststempel niet uitsluit dat het stuk eerder ter post is bezorgd en dat vertragingen bij het postvervoer mogelijk zijn.
Het Hof achtte het aannemelijk dat het beroepschrift uiterlijk 21 januari 2010 ter post is bezorgd en verklaarde het beroep ontvankelijk. De zaak werd vernietigd en terugverwezen naar de rechtbank voor een volledige inhoudelijke behandeling. Het Hof wees ook het betaalde griffierecht toe aan belanghebbende.
Uitkomst: Het Hof verklaart het hoger beroep ontvankelijk en wijst de zaak terug naar de rechtbank voor inhoudelijke behandeling.