ECLI:NL:GHAMS:2010:BM1903
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- O.B. Onnes
- J.P.A. Boersma
- P.F. Goes
- Rechtspraak.nl
Vermindering boete en navorderingsaanslagen wegens buitenlandse bankrekeningen bij KB-Luxbank
Het geschil betreft navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen opgelegd aan belanghebbende wegens het niet aangeven van tegoeden en inkomsten uit buitenlandse bankrekeningen bij de KB-Luxbank in Luxemburg over de jaren 1990 tot en met 2000.
Het Hof acht aannemelijk dat belanghebbende en zijn partner houder zijn van de betreffende rekeningen op basis van microfiches en een betrouwbaar proces-verbaal van ambtshandeling. Belanghebbende heeft het vermoeden niet weerlegd en heeft niet voldaan aan zijn verplichting om gegevens te verstrekken, waardoor de bewijslast is verzwaard. De navorderingsaanslagen zijn gebaseerd op een redelijke schatting, met uitzondering van een factor 1,5 die het Hof elimineert.
De boete van 100% wordt passend geacht vanwege opzet en strafverzwarende omstandigheden zoals het gebruik van een bank in een land met bankgeheim. Het Hof vermindert de boete tot 80% vanwege de onzekerheidsmarge in de schatting en vervolgens met 20% wegens overschrijding van de redelijke termijn, wat resulteert in een boete van 64% van de nagevorderde belasting.
Verder vernietigt het Hof de navorderingsaanslag IB/PV voor 1991 en vermindert het de overige aanslagen en boetes conform de gecorrigeerde belastbare inkomens. Het beroep tegen de beschikkingen heffingsrente wordt verworpen. De inspecteur wordt veroordeeld in proceskosten en moet het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: Navorderingsaanslagen deels vernietigd of verminderd, boete verlaagd tot 64% van de nagevorderde belasting.