ECLI:NL:CRVB:2026:456
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling arbeidsongeschiktheid 70,62% en toekenning schadevergoeding wegens termijnoverschrijding
In deze zaak staat de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid van een werknemer centraal, vastgesteld door het UWV op 70,62% per 9 april 2021. Appellante betwistte deze vaststelling en voerde aan dat de werknemer meer medische beperkingen heeft, waardoor de geselecteerde functies niet passend zouden zijn. De rechtbank Gelderland heeft het beroep ongegrond verklaard en het besluit van het UWV in stand gelaten.
De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep behandeld en de medische en arbeidskundige beoordelingen van het UWV onderschreven. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft overtuigend gemotiveerd dat de beperkingen in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 19 juli 2021 voldoende rekening houden met de beperkingen van de werknemer. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep heeft toegelicht dat de geselecteerde functies, waaronder huishoudelijk medewerker gebouwen en samensteller kunststof- en rubberproducten, medisch passend zijn.
Daarnaast heeft de Raad geoordeeld dat de overschrijding van de redelijke termijn in de bezwaar- en beroepsprocedure heeft geleid tot een schadevergoeding van €1.500,-, waarvan €346,- voor rekening van het UWV en €1.154,- voor de Staat der Nederlanden komt. Ook zijn proceskosten voor de schadevergoeding toegewezen. Het hoger beroep is ongegrond verklaard, waarmee het besluit over de arbeidsongeschiktheid in stand blijft.
Uitkomst: De vaststelling van 70,62% arbeidsongeschiktheid per 9 april 2021 wordt bevestigd en een schadevergoeding wegens termijnoverschrijding toegekend.