ECLI:NL:CRVB:2025:1707
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ingangsdatum en weigering bijstand over januari 2023 bij multiproblematiek
Appellante ontving tot 7 augustus 2022 een ZW-uitkering en vroeg op 10 november 2022 bijstand aan. Het college kende bijstand toe vanaf de datum van aanvraag, 28 december 2022, en weigerde bijstand over januari 2023 vanwege bijschrijvingen op haar bankrekening die als inkomen werden aangemerkt.
Appellante stelde dat bijzondere omstandigheden, zoals ernstige multiproblematiek, rechtvaardigen dat bijstand met terugwerkende kracht wordt verleend vanaf het einde van haar ZW-uitkering. Ook voerde zij aan dat de bijschrijvingen in januari 2023 vermogen betreffen, afkomstig van de verkoop van een zeldzaam legopoppetje, en geen inkomen.
De Raad oordeelt dat de multiproblematiek niet betekent dat zij niet in staat was om eerder bijstand aan te vragen of hulp te zoeken, mede omdat zij in november en december 2022 wel aanvragen deed. De zorgplicht van schuldhulpverlening werd niet geschonden. De bijschrijvingen in januari 2023 zijn onvoldoende onderbouwd als verkoopopbrengst en worden daarom als inkomen beschouwd.
Het hoger beroep wordt afgewezen en de eerdere uitspraak van de rechtbank blijft in stand. Appellante krijgt geen vergoeding van proceskosten. De ingangsdatum van bijstand blijft 28 december 2022 en de weigering over januari 2023 blijft gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de ingangsdatum van bijstand en weigering over januari 2023 blijven ongewijzigd.