ECLI:NL:CRVB:2024:934
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvragen algemene en bijzondere bijstand wegens schending medewerkingsverplichting
Appellanten dienden één aanvraag voor algemene bijstand en drie aanvragen voor bijzondere bijstand in bij het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk. Deze aanvragen werden afgewezen omdat appellanten niet voldeden aan de medewerkingsverplichting, met name doordat zij de gevraagde bankafschriften over de periode van 16 december 2022 tot 15 februari 2023 en gegevens over hun onderneming niet hebben verstrekt.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten tegen deze besluiten ongegrond. Appellanten gingen hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad oordeelde dat appellanten, ondanks hun stelling dat zij niet verplicht waren de bankafschriften te overleggen, wel degelijk aan hun medewerkingsverplichting moesten voldoen vanaf het moment van hun aanvraag. Door het niet verstrekken van deze gegevens bleef hun financiële situatie onduidelijk, waardoor niet kon worden vastgesteld of zij in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerden.
De Raad concludeerde dat het college terecht de aanvragen heeft afgewezen en bevestigde het bestreden besluit. Het hoger beroep werd verworpen, waardoor de afwijzing van de aanvragen om algemene en bijzondere bijstand in stand blijft. Appellanten kregen geen vergoeding van proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvragen om algemene en bijzondere bijstand wordt bevestigd vanwege het niet voldoen aan de medewerkingsverplichting.