Uitspraak
PROCESVERLOOP
.Appellant is niet verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. P.C. van der Voorn.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van de Sociale Verzekeringsbank (Svb) waarin werd bepaald dat een te veel ontvangen bedrag aan kinderbijslag met het AOW-pensioen zou worden verrekend. Dit bezwaar werd buiten de termijn ingediend en door de Svb niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep gegrond en beval de Svb het bezwaar alsnog inhoudelijk te beoordelen.
Appellant stelde in hoger beroep dat het besluit onjuist was en een nieuw besluit moest worden genomen. De Centrale Raad van Beroep beoordeelde echter dat appellant geen procesbelang had omdat de rechtbank al had bevolen tot hernieuwde besluitvorming. De Raad concludeerde dat appellant met het hoger beroep geen resultaat kan bereiken en verklaarde het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk.
De Svb heeft toegezegd uitvoering te geven aan de uitspraak van de rechtbank en zo spoedig mogelijk een nieuw besluit te nemen. Als gevolg van de niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep krijgt appellant geen vergoeding van proceskosten of griffierecht. De uitspraak werd gedaan door A. van Gijzen op 14 november 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.