ECLI:NL:CRVB:2024:2051
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens ontbreken duurzaam arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft een Wajong-uitkering aangevraagd op grond van haar lichamelijke en psychische klachten, maar het UWV heeft deze geweigerd omdat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam is. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en stelde vast dat de medische rapporten zorgvuldig waren en dat er geen sprake was van progressieve of onveranderlijke ziektebeelden.
Appellante voerde aan dat het duurzaamheidscriterium te strikt werd toegepast, omdat behandeling alleen onder strikte voorwaarden mogelijk is. De Raad volgt dit niet en oordeelt dat het UWV aannemelijk heeft gemaakt dat de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie zich kunnen ontwikkelen, mede op basis van het rapport van psychiater Mutsaers.
De Raad concludeert dat appellante geen perspectief heeft op blijvende arbeidsongeschiktheid en dat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam is zoals bedoeld in de Wajong. Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering van de Wajong-uitkering blijft in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering omdat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam is.