ECLI:NL:CRVB:2024:1854
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding na herziening WIA-uitkering door nieuwe medische informatie
Appellante vroeg aanvankelijk een WIA-uitkering aan, die door het UWV op 18 september 2014 werd geweigerd vanwege minder dan 35% arbeidsongeschiktheid. Deze weigering werd in bezwaar en beroep bevestigd, ook door de Centrale Raad van Beroep in 2019. Na verslechtering van haar medische situatie in 2019 werd een psychologische expertise uitgevoerd, waarna het UWV op 23 maart 2020 alsnog een IVA-uitkering toekende met terugwerkende kracht vanaf 28 augustus 2018.
Appellante maakte bezwaar tegen de ingangsdatum en kreeg bij besluit van 28 augustus 2020 gelijk, waardoor de uitkering met terugwerkende kracht per 27 oktober 2014 werd toegekend. Zij verzocht vervolgens om schadevergoeding wegens de eerdere weigering, waaronder terugbetaalde toeslagen en belastingschade. Het UWV wees dit af, stellende dat het eerdere besluit niet onrechtmatig was omdat het gebaseerd was op de toen beschikbare medische informatie.
De rechtbank wees het verzoek om schadevergoeding af en stelde dat het latere besluit op basis van nieuwe feiten niet betekent dat het oorspronkelijke besluit onrechtmatig was. Ook ontbrak een causaal verband tussen de schade en het besluit van 23 maart 2020. De Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak, oordelend dat het UWV terecht terugkwam op het eerdere besluit vanwege nieuwe medische inzichten en dat er geen onrechtmatigheid en dus geen schadevergoeding is.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen omdat het oorspronkelijke besluit niet onrechtmatig was en er geen causaal verband is tussen schade en besluit.