Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
Bijlage
Artikel 4 van Pro de Wet WIA
Artikel 47, eerste lid, van de Wet WIA
a. hij de wachttijd heeft doorlopen;
Centrale Raad van Beroep
Appellante heeft zich ziekgemeld in augustus 2017 en ontving vanaf september 2019 een loongerelateerde WGA-uitkering wegens 100% arbeidsongeschiktheid. Het UWV weigerde een IVA-uitkering toe te kennen omdat de arbeidsongeschiktheid niet duurzaam werd geacht. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens onvoldoende motivering over het dagloon, maar handhaafde de rechtsgevolgen.
In hoger beroep betoogde appellante dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en dat haar psychische beperkingen, waaronder een posttraumatische stressstoornis en borderline persoonlijkheidsstoornis, niet adequaat waren meegewogen. Zij verzocht om een onafhankelijk deskundige.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig en volledig was, waarbij het ontbreken van een lichamelijk onderzoek in de bezwaarfase niet onredelijk was gezien eerdere onderzoeken. De rapporten van de verzekeringsarts en primaire arts onderbouwden dat de psychische klachten behandelbaar zijn en dat herstel mogelijk is, waardoor de arbeidsongeschiktheid niet duurzaam is.
De Raad wees het hoger beroep af, bevestigde de uitspraak van de rechtbank en liet de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand. Appellante kreeg geen proceskostenvergoeding en het betaalde griffierecht werd niet teruggegeven.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het UWV heeft terecht de IVA-uitkering geweigerd wegens niet-duurzame volledige arbeidsongeschiktheid.