ECLI:NL:CRVB:2023:2347
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep afgewezen wegens gebrek aan procesbelang bij jeugdhulpvoorziening
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen uitspraken van de rechtbank Rotterdam waarin haar beroepen tegen besluiten over jeugdhulpvoorzieningen ongegrond werden verklaard. De bestreden besluiten betreffen verstrekkingen van jeugdhulp voor de periode van 1 februari 2021 tot en met 20 maart 2022.
In het hoger beroep heeft appellante via haar moeder aangevoerd dat zij geen toegang tot onderwijs krijgt en hierdoor thuiszit. De Raad heeft ambtshalve onderzocht of appellante voldoende procesbelang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van de hoger beroepen.
De Raad oordeelt dat procesbelang ontbreekt omdat de besluiten zien op verstreken periodes en niet aannemelijk is gemaakt dat een inhoudelijk oordeel van belang kan zijn voor toekomstige perioden. Appellante ontvangt momenteel geen jeugdhulpvoorziening en heeft geen nieuwe aanvraag gedaan. De aangevoerde zorgen over onderwijs vallen buiten het bestreden besluit.
Daarom verklaart de Raad de hoger beroepen niet-ontvankelijk en wijst zij het verzoek om vergoeding van proceskosten en griffierecht af.
Uitkomst: De hoger beroepen worden niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.