ECLI:NL:CRVB:2023:1812
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar bij termijnoverschrijding en afwijzing verzoek terugkomen intrekking bijstand
Appellant ontving samen met X bijstand op grond van de Participatiewet. Het college trok de bijstand met ingang van 7 februari 2017 in omdat appellant was uitgeschreven van het uitkeringsadres, en vorderde de kosten van bijstand over die periode terug. Appellant stelde dat hij het besluit niet had ontvangen omdat hij geen adequate regeling voor postdoorzending had getroffen en dat de uitkering onterecht was doorbetaald.
Het bezwaar tegen het besluit van 19 april 2017 werd niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding die niet verschoonbaar was. Appellant had bewust het risico genomen dat post hem niet zou bereiken. Het verzoek om terug te komen van het intrekkingsbesluit werd afgewezen omdat er geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden waren en de afwijzing niet evident onredelijk was.
De rechtbank bevestigde deze besluiten, en de Centrale Raad van Beroep stelde in hoger beroep vast dat appellant onvoldoende gronden had aangevoerd om de termijnoverschrijding te rechtvaardigen of het verzoek om terug te komen te honoreren. De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd; het bezwaar is niet-ontvankelijk en het verzoek om terug te komen afgewezen.