ECLI:NL:CRVB:2023:1794
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens exploitatie hennepkwekerij
Appellant ontvangt sinds 2014 bijstand en exploiteerde vanaf 13 november 2020 een hennepkwekerij in zijn woning. Op 18 december 2020 werd deze kwekerij met 152 planten ontmanteld. Het college trok de bijstand per 13 november 2020 in en vorderde de reeds verleende bijstand terug wegens schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat hij niet had gemeld dat hij een hennepkwekerij exploiteerde en geen administratie kon overleggen om het recht op bijstand vast te stellen. Volgens vaste rechtspraak leidt het exploiteren van een kwekerij tot een schending van de inlichtingenverplichting, ongeacht of er al oogst was.
Appellant voerde aan dat het recht op bijstand wel vastgesteld kon worden, zelfs schattenderwijs, maar slaagde hier niet in. De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er zijn geen dringende redenen om terugvordering achterwege te laten en proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens exploitatie van een hennepkwekerij worden bevestigd.