ECLI:NL:CRVB:2023:132
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in bestuursrechtelijke procedure
De zaak betreft een verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn in een bestuursrechtelijke procedure. Verzoeker had op 17 augustus 2017 een bezwaarschrift ingediend tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Hellevoetsluis. De procedure heeft uiteindelijk ruim vijf jaar geduurd tot de intrekking van het hoger beroep op 29 november 2022.
De Centrale Raad van Beroep beoordeelde dat de redelijke termijn, zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro, met ruim een jaar was overschreden. De overschrijding vond plaats in de rechterlijke fase van de procedure. Er waren geen omstandigheden die een langere termijn rechtvaardigden.
De Raad kende daarom een schadevergoeding van €1.500 toe aan verzoeker, te betalen door de Staat der Nederlanden. Tevens werd de Staat veroordeeld in de proceskosten van verzoeker, begroot op €418,50. De zaak werd inhoudelijk geschikt en het hoger beroep ingetrokken met behoud van het verzoek om schadevergoeding.
Uitkomst: De Staat wordt veroordeeld tot betaling van €1.500 schadevergoeding en €418,50 proceskosten wegens overschrijding van de redelijke termijn.