Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot schadevergoeding af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, een politieambtenaar, werd ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim nadat hij werd beschuldigd van het steken van zijn tong in het oor van een collega, X. De korpschef legde hem onvoorwaardelijk ontslag op na een onderzoek waarbij onder meer een geluidsopname en aangifte centraal stonden. Appellant ontkende de gedraging, maar de Raad concludeerde dat het bewijs, waaronder het telefoongesprek waarin appellant zich verontschuldigde en het ontbreken van een ontkenning, overtuigend was.
Appellant voerde aan dat het onderzoek onzorgvuldig was, verwees naar een eerdere disciplinaire maatregel uit 2012 en een sepot in het strafrechtelijk onderzoek. Deze gronden werden verworpen omdat het eerdere besluit rechtsgeldig was en het sepot niet betekende dat er geen bewijs was voor de gedraging. Ook werd zijn stelling dat zware medicatie hem belemmerde om zijn belangen te overzien niet aannemelijk geacht.
De Raad oordeelde dat de gedraging een ernstige aantasting van de lichamelijke integriteit betrof en dat het ontslag niet onevenredig was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het onvoorwaardelijk ontslag van appellant wordt bevestigd.