Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- neemt het verzoek om wraking niet in behandeling;
- bepaalt dat een volgend wrakingsverzoek van verzoekster om wraking in deze zaak niet in behandeling wordt genomen.
Centrale Raad van Beroep
Verzoekster heeft in een hoger beroepsprocedure tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam een verzoek tot wraking ingediend tegen de behandelend rechter, omdat haar gemachtigde verhinderd zou zijn wegens medische behandeling in het buitenland en omdat de rechter negatieve uitlatingen zou hebben gedaan. De Raad heeft meerdere verzoeken om uitstel van de zitting afgewezen, waarna het wrakingsverzoek werd ingediend.
De wrakingskamer beoordeelde het verzoek en constateerde dat het verzoek geen enkele onderbouwing bevatte die een vermoeden van vooringenomenheid van de rechter zou kunnen rechtvaardigen. De argumenten van verzoekster waren onvoldoende concreet en leken vooral gericht op het verkrijgen van uitstel van de zitting.
Op grond van artikel 8:15 en Pro 8:18 van de Algemene wet bestuursrecht en de Wrakingsregeling bestuursrechterlijke colleges 2013 werd geconcludeerd dat het verzoek evident misbruik van recht betrof. Daarom werd het verzoek niet in behandeling genomen en werd bepaald dat een volgend wrakingsverzoek van verzoekster in deze zaak eveneens niet in behandeling wordt genomen. Er werden geen proceskosten aan de zijde van verzoekster opgelegd.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt niet in behandeling genomen en een volgend wrakingsverzoek wordt eveneens niet in behandeling genomen.