ECLI:NL:CRVB:2021:54
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening bijstand en oplegging boete wegens niet melden bankrekening
Appellante ontving sinds mei 2014 bijstand en werd onderzocht nadat haar ex-partner meldde dat zij meerdere bankrekeningen had en zwart werkte. Een onderzoek wees uit dat zij een bankrekening bij de ASN-bank niet had gemeld, terwijl hierop inkomsten stonden die haar recht op bijstand beïnvloedden.
Ondanks verzoeken leverde appellante niet tijdig de gevraagde bankafschriften aan en gaf zij tegenstrijdige verklaringen over het bestaan en gebruik van de rekening. De gemeente Den Haag herzag de bijstand en vorderde het ten onrechte ontvangen bedrag terug. Tevens legde zij een boete op wegens het schenden van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellante ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat zij niet wist van de rekening en dat haar handtekening was vervalst. De Raad oordeelde dat zij onvoldoende aannemelijk maakte dat zij niet op de hoogte was en dat zij feitelijk gebruik maakte van de rekening. Ook was er geen sprake van verminderde verwijtbaarheid of aanleiding tot matiging van de boete.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de eerdere uitspraken en handhaafde de herziening van de bijstand en de boete van €5.533. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de bijstand en de boete van €5.533 wegens het niet melden van een bankrekening.