ECLI:NL:CRVB:2021:353
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing IVA-uitkering wegens niet-duurzame volledige arbeidsongeschiktheid
Appellante is sinds 1 juli 2015 ziekgemeld vanwege diverse fysieke en psychische klachten en ontvangt sinds 28 juni 2017 een loongerelateerde WGA-uitkering. Het Uwv heeft een IVA-uitkering geweigerd omdat appellante niet duurzaam volledig arbeidsongeschikt is. De rechtbank oordeelde dat de beoordeling van het Uwv zorgvuldig was en dat er nog herstelkansen zijn, wat door de Raad wordt onderschreven.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft uitgebreid gemotiveerd dat er nog mogelijkheden zijn voor verbetering van de functionele mogelijkheden, onder meer door behandelingen voor COPD, peesontstekingen, en psychische klachten. Appellante heeft in hoger beroep geen nieuwe medische stukken overgelegd die tot een ander oordeel leiden.
De Raad wijst erop dat de CIZ-indicatie voor zorgprofiel Beschut wonen niet relevant is voor de WIA-beoordeling. De brief die appellante vlak voor de zitting indiende, is buiten beschouwing gelaten wegens strijd met de goede procesorde. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de afwijzing van de IVA-uitkering bevestigd.