Uitspraak
19 4927 WIA
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
€ 174,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, voormalig werkplaatstimmerman, ontving vanaf 4 februari 2013 een loongerelateerde WGA-uitkering. Het UWV kende hem op 4 januari 2016 een WGA-vervolguitkering toe met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35 tot 45%. Appellant maakte bezwaar en beroep tegen dit besluit, waarbij medische rapporten en een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) centraal stonden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij een door de rechtbank ingeschakelde deskundige de beperkingen in de FML van 9 mei 2017 bevestigde en geen sprake zag van een beroepsziekte. Appellant voerde in hoger beroep aan dat meer beperkingen in de FML hadden moeten worden opgenomen en dat sprake was van een beroepsziekte, maar deze gronden werden door de Raad verworpen.
De Raad oordeelde dat er geen schending was van het beginsel van equality of arms en dat de medische grondslag van het bestreden besluit deugdelijk was. Wel vernietigde de Raad het vonnis voor zover de rechtbank had verzuimd het UWV te veroordelen in de proceskosten van appellant, en veroordeelde het UWV tot vergoeding van deze kosten. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen, het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant.