ECLI:NL:CRVB:2021:1102
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Centrale Raad van Beroep bij verzoek herziening beslissing wraking
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag en vervolgens een wrakingsverzoek ingediend tegen de behandelend rechter. Dit wrakingsverzoek werd op 23 april 2021 niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeker vroeg daarop om herziening van deze beslissing. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat herziening van een beslissing op een wrakingsverzoek niet mogelijk is, omdat artikel 8:18, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaalt dat tegen een beslissing op een wrakingsverzoek geen rechtsmiddel openstaat.
De Raad benadrukt dat herziening een bijzonder rechtsmiddel is en dat de voorwaarden voor herziening, zoals genoemd in artikel 8:119 Awb Pro, niet van toepassing zijn op wrakingsbeslissingen. Daarom verklaart de Raad zich onbevoegd om kennis te nemen van het verzoek om herziening. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter E.J.M. Heijs, in aanwezigheid van griffier P.W.J. Hospel, en uitgesproken in het openbaar op 7 mei 2021.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het verzoek om herziening van de beslissing op het wrakingsverzoek.