ECLI:NL:CRVB:2020:3108
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging Ziektewet-uitkering na zorgvuldige medische beoordeling
Appellant, laatstelijk werkzaam als postsorteerder, meldde zich op 4 januari 2016 ziek en ontving een Ziektewet-uitkering. Na diverse medische en arbeidskundige beoordelingen stelde het Uwv vast dat appellant per 29 oktober 2017 meer dan 65% van zijn maatmaninkomen kon verdienen en beëindigde de uitkering.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze beslissing ongegrond, oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de beperkingen juist waren vastgesteld. Appellant voerde in hoger beroep dezelfde gronden aan en diende aanvullende medische informatie in, maar deze werd niet als doorslaggevend beschouwd omdat de informatie deels betrekking had op een latere periode dan de datum in geschil.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat de belastbaarheid van appellant juist is vastgesteld en dat de geselecteerde functies medisch geschikt zijn. Het verzoek tot benoeming van een deskundige wordt afgewezen omdat geen twijfel bestaat over de juistheid van de vastgestelde beperkingen.
Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er wordt geen veroordeling in proceskosten uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de beëindiging van de Ziektewet-uitkering per 29 oktober 2017 bevestigd.