ECLI:NL:CRVB:2020:2524
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening bijstandsuitspraak wegens ontbreken nieuw feit
Verzoeker ontving bijstand vanaf april 2011, maar het college trok deze in mei 2012 in. Na meerdere aanvragen verleende het college bijstand met korting vanaf mei 2015. De rechtbank en de Raad bevestigden dit besluit. Verzoeker vroeg herziening aan op grond van zijn medische gesteldheid en een aangifte tegen een bijstandsconsulent, maar deze feiten waren reeds bekend bij eerdere procedures.
De Raad oordeelde dat het verzoek om herziening niet voldoet aan de vereisten van artikel 8:119 Awb Pro, omdat geen nieuw feit of omstandigheid is aangevoerd die tot een andere uitspraak zou kunnen leiden. Het verzoek is feitelijk een betwisting van de juistheid van de eerdere uitspraak, wat niet mogelijk is via herziening.
De Raad wees het verzoek daarom af en kende geen proceskosten toe. De uitspraak werd gedaan door A.B.J. van der Ham op 19 oktober 2020.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak van 17 oktober 2017 wordt afgewezen wegens het ontbreken van een nieuw feit of nieuwe omstandigheid.