Uitspraak
17 1104 WAO
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Vragenformulier Subsidieregelingen werkgever’ (vragenformulier) van 2 maart 2015, met de machtiging van betrokkene, ontvangen.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene ontvangt sinds 1998 een WAO-uitkering en vanaf 2011 een toeslag op grond van de Toeslagenwet. Vanaf 11 augustus 2014 is betrokkene gaan werken bij een werkgever, maar heeft dit niet onverwijld aan het UWV gemeld. Het UWV stopzette de toeslag en legde een boete op wegens schending van de inlichtingenplicht.
De rechtbank had de boete gehalveerd tot €963,- wegens verminderde verwijtbaarheid, omdat betrokkene via een door de werkgever ingediend vragenformulier het UWV op de hoogte zou hebben gesteld. Het UWV ging in hoger beroep omdat dit formulier geen eigen melding van betrokkene was.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het vragenformulier van de werkgever geen vervanging is van de eigen meldingsplicht van betrokkene. Betrokkene heeft ook niet aannemelijk gemaakt dat hij het wijzigingsformulier heeft verzonden. Er is geen sprake van verminderde verwijtbaarheid. De boete wordt daarom vastgesteld op 50% van het benadelingsbedrag, namelijk €1.925,93.
De eerdere uitspraak wordt vernietigd voor zover de boete op €963,- is vastgesteld. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt vastgesteld op €1.925,93 wegens het niet onverwijld melden van werkzaamheden aan het UWV.