ECLI:NL:CRVB:2019:592
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens voldoende arbeidsvermogen ondanks ontwikkelingsstoornis
Appellant, geboren in 1993, vroeg een Wajong-uitkering aan op basis van een psychologisch rapport en medische onderzoeken. Het UWV wees de aanvraag af omdat uit verzekeringsgeneeskundige en arbeidskundige rapporten bleek dat appellant over arbeidsvermogen beschikt. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en stelde dat hij ten minste vier uur per dag belastbaar is en ten minste één uur aaneengesloten kan werken.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn concentratieproblemen en ontwikkelingsstoornis hem verhinderen om werkzaamheden af te ronden en vier uur per dag te werken. De Raad oordeelde dat de medische en arbeidsdeskundige rapporten zorgvuldig en voldoende gemotiveerd zijn en dat er geen nieuwe medische informatie is die het standpunt van appellant ondersteunt.
De Raad concludeerde dat appellant beschikt over basale werknemersvaardigheden en in staat is een taak binnen een arbeidsorganisatie uit te voeren. De aanvraag om een Wajong-uitkering werd daarom terecht afgewezen en het verzoek tot schadevergoeding werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: De aanvraag van appellant voor een Wajong-uitkering wordt afgewezen wegens voldoende arbeidsvermogen.