ECLI:NL:CRVB:2019:3340
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bezwaren tegen betalingsspecificaties en beslaglegging WIA-uitkering afgewezen
Appellante maakte bezwaar tegen vijf betalingsspecificaties van het UWV betreffende haar WIA-uitkering over verschillende maanden in 2018, waaronder ook een specificatie van haar vakantietoeslag. Het bezwaar tegen de specificatie van januari 2018 werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de bezwaartermijn. De bezwaren tegen de specificaties van februari, maart en mei 2018 werden eveneens niet-ontvankelijk verklaard omdat deze specificaties herhalingen zijn van een eerder genomen besluit en daardoor geen zelfstandig besluit vormen.
Daarnaast werd het bezwaar tegen de betalingsspecificatie van de vakantietoeslag en het daarop gelegde beslag ongegrond verklaard. De Raad oordeelde dat het UWV binnen het kader van het beslag is gebleven en dat eventuele bezwaren tegen de beslaglegging aan de civiele rechter kunnen worden voorgelegd.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep de eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam. De Raad onderschreef de motieven voor niet-ontvankelijkheid en de rechtmatigheid van de beslaglegging. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de bezwaren tegen de betalingsspecificaties niet-ontvankelijk zijn en het beslag rechtmatig is gelegd.