ECLI:NL:CRVB:2019:3337
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen uitkeringsspecificatie en correcte beslaglegging door UWV
Appellante ontving een uitkeringsspecificatie van het UWV over juni 2018, waarop het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk werd verklaard omdat de specificatie geen besluit in de zin van de Awb vormt. De Raad bevestigt dat de specificatie geen rechtsgevolg heeft, aangezien deze gelijk is aan die van mei 2018 en slechts een herhaling betreft.
Daarnaast ging het hoger beroep over de beslaglegging op de uitkering in juli 2018. Het UWV heeft het bezwaar ongegrond verklaard omdat de beslaglegging binnen de wettelijke kaders is uitgevoerd en de beslagvrije voet is gerespecteerd. De rechtbank oordeelde eveneens dat het UWV correct heeft gehandeld.
In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat zij de schuld niet erkent en dat de rechtbank onjuist heeft geoordeeld, maar de Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.