ECLI:NL:CRVB:2019:3327
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens niet melden WGA-uitkering en toeslag
Appellante ontving bijstand sinds november 2012. Het dagelijks bestuur van Werk en Inkomen Lekstroom stelde vast dat appellante naast bijstand ook een WGA-uitkering en toeslag ontving die samen hoger waren dan de bijstandsnorm. Appellante had dit niet gemeld, waardoor zij haar inlichtingenverplichting schond. Het dagelijks bestuur trok de bijstand over de periode juni tot november 2013 in en vorderde het teveel betaalde bedrag terug.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep voerde appellante onder meer aan dat het vertrouwensbeginsel en artikel 3 IVRK Pro haar zouden beschermen en dat het besluit verjaard was. De Raad oordeelde dat de verjaringstermijn van vijf jaar nog niet was verstreken en dat het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde wegens het ontbreken van toezeggingen.
Ook het beroep op artikel 3 IVRK Pro slaagde niet omdat het bestuursorgaan voldoende rekening had gehouden met de belangen van het kind. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en het besluit tot intrekking en terugvordering van de bijstand. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens het niet melden van een WGA-uitkering en toeslag.