ECLI:NL:CRVB:2019:2583
Centrale Raad van Beroep
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij herbeoordeling aflossingscapaciteit
Appellant was in geschil met het UWV over een vordering tot terugbetaling van onverschuldigd betaalde uitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering. Het UWV had vastgesteld dat appellant een bedrag van €23.606,49 moest terugbetalen, met een aflossingscapaciteit van €245,68 per maand.
Appellant had een verzoek ingediend voor een hernieuwde berekening van de aflossingscapaciteit en inmiddels het benodigde inkomensonderzoekformulier ontvangen en ingevuld ingediend bij het UWV. Tijdens de zitting werd bevestigd dat het UWV op basis van deze stukken de aflossingscapaciteit opnieuw zal beoordelen.
Omdat appellant het beoogde resultaat van het hoger beroep, namelijk de herbeoordeling, al heeft bereikt, acht de Raad het hoger beroep feitelijk betekenisloos. Er is geen procesbelang meer aanwezig, waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk wordt verklaard. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.