Uitspraak
17.3482 WIA
Mr. R.M. Noorlander heeft zich vervolgens als gemachtigde gesteld en de nadere gronden van het hoger beroepschrift ingediend.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant, voormalig hoogspanningsmonteur, kreeg een WGA-loonaanvullingsuitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheid van 64,73% per 15 maart 2016. Na bezwaar en beroep werd deze mate van arbeidsongeschiktheid vastgesteld op basis van verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was en dat er geen twijfel bestond over de medische beoordeling en geschiktheid voor de geselecteerde functies. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het onderzoek onzorgvuldig was, dat de psychische beperkingen werden onderschat en dat het maatmanloon onjuist was vastgesteld.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank en het verzekeringsgeneeskundig onderzoek, en wees de argumenten van appellant af. De Raad vond geen aanleiding voor benoeming van een onafhankelijke deskundige en bevestigde dat appellant geschikt is voor de geduide functies. Ook de berekening van het maatmanloon werd als juist beoordeeld.
Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.