Uitspraak
2 juli 2015, 15/551 (aangevallen uitspraak), en uitspraak op het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade
OVERWEGINGEN
8 maart 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:677. Gelet op de bekrachtiging door de plaatsvervangend politiechef op 21 oktober 2015 kan het onder 4.6.2 geconstateerde bevoegdheidsgebrek met toepassing van artikel 6:22 van Pro de Awb worden gepasseerd, nu betrokkene door dit gebrek niet in haar belangen is geschaad.
.De Raad neemt voor de vraag of sindsdien sprake is van overschrijding van de redelijke termijn de periode vanaf de ontvangst van het hoger beroep in aanmerking. De nog als redelijk aan te merken termijn voor de procedure in hoger beroep bedraagt twee jaar. De periode bovenop deze termijn wordt als een overschrijding van de redelijke termijn aangemerkt.
€ 22,50 voor gemaakte reiskosten, in totaal € 1.525,50.