ECLI:NL:CRVB:2018:2881
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering individuele inkomenstoeslag bij overschrijding bijstandsnorm per maand
Appellanten vroegen een individuele inkomenstoeslag aan op grond van de Participatiewet. Het college wees de aanvraag af omdat in de referteperiode het inkomen in twee maanden hoger was dan 102% van de bijstandsnorm. Appellanten voerden aan dat het gemiddelde maandinkomen over de hele periode lager was dan de norm en dat een gift niet als inkomen meegewogen mocht worden.
De Raad oordeelde dat de verordening van de gemeente Roermond uitgaat van een beoordeling per maand en dat dit aansluit bij de systematiek van de Participatiewet. Een afwijkende berekeningsmethode op basis van gemiddeld inkomen per maand is niet aanvaardbaar. De gift van €700,- werd terecht als inkomen beschouwd omdat appellanten vrij over dat bedrag konden beschikken.
De overschrijding van de norm was niet marginaal en er waren geen bijzondere omstandigheden die toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigden. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de individuele inkomenstoeslag bevestigd.