ECLI:NL:CRVB:2018:2798
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens onduidelijke woonsituatie alleenstaande ouder
Appellante heeft op 1 februari 2016 bijstand aangevraagd als alleenstaande ouder en verklaarde een kamer te huren bij de broer van haar ex-partner. Het college kende voorschotten toe, maar stelde een onderzoek in vanwege de bijzondere woonsituatie. Na een huisbezoek en dossieronderzoek concludeerde het college dat appellante onvoldoende duidelijkheid gaf over haar woon- en leefsituatie en wees de aanvraag af.
Appellante gaf tijdens het onderzoek tegenstrijdige en onvolledige informatie en weigerde verdere medewerking. Bij het huisbezoek werden persoonlijke spullen van haar ex-partner aangetroffen in de woning, wat de onduidelijkheid versterkte. Zowel bij de rechtbank als in hoger beroep verscheen appellante niet om nadere toelichting te geven.
De Raad oordeelde dat appellante niet voldeed aan haar medewerkingsplicht en dat het college terecht de bijstand heeft geweigerd. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep afgewezen.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag wordt afgewezen wegens onvoldoende duidelijkheid over de woon- en leefsituatie van appellante.