ECLI:NL:CRVB:2018:2193
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herhaalde Wajong-aanvraag wegens ontbreken nieuwe feiten en toegenomen arbeidsongeschiktheid
Appellant diende in 2011 een Wajong-aanvraag in, die werd afgewezen omdat niet was aangetoond dat hij langdurig minder dan 75% van het wettelijk minimumloon kon verdienen. Na een eerdere afwijzing en bevestiging door rechtbank en Raad, vroeg appellant in 2014 hernieuwde toekenning aan met nieuwe medische rapporten.
Het UWV weigerde terug te komen op het eerdere besluit, omdat geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die een andere beoordeling rechtvaardigden. Appellant stelde dat zijn klachten waren toegenomen en verwees naar psychologische rapporten.
De rechtbank oordeelde dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep zorgvuldig had onderzocht en dat er geen aanwijzingen waren voor toegenomen beperkingen. In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt, maar de Raad concludeerde dat het medisch onderzoek adequaat was en dat de nieuwe rapporten onvoldoende onderbouwing boden voor een toename van arbeidsongeschiktheid.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees het hoger beroep af. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de herhaalde Wajong-aanvraag wegens ontbreken van nieuwe feiten en toegenomen arbeidsongeschiktheid.