Uitspraak
16.4001 WWAJ
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant diende een aanvraag in voor inkomens- en arbeidsondersteuning op grond van de Wajong 2010 vanwege sarcoïdose, welke door het UWV werd afgewezen omdat appellant na zijn 30e verjaardag arbeidsongeschikt werd geacht en niet als jonggehandicapte kon worden beschouwd.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat het onderzoek van de verzekeringsarts zorgvuldig was en dat de arbeidsdeskundige voldoende motiveerde dat de voorgestelde functies passend waren en appellant ten minste 75% van zijn maatmaninkomen kon verdienen.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij op de relevante data volledig arbeidsongeschikt was en overhandigde medische rapporten ter onderbouwing. Het UWV handhaafde echter haar standpunt dat de belastbaarheid redelijk was tot medio 2003 en dat er onvoldoende bewijs was voor eerdere volledige arbeidsongeschiktheid.
De Raad oordeelde dat de medische beoordeling zorgvuldig was en dat de bewijslast bij appellant lag vanwege de laattijdige aanvraag. Er was geen aanleiding voor nader deskundigenonderzoek en de aangevallen uitspraak werd bevestigd. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de Wajong-aanvraag wordt bevestigd.