ECLI:NL:CRVB:2018:2009
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstand wegens niet verblijven op opgegeven briefadressen
Betrokkene ontving bijstand op grond van de Participatiewet en gaf twee adressen op als verblijfplaatsen om een briefadres aan te vragen nadat hij zijn studentenwoning had verlaten. De dienst Werk en Inkomen (DWI) voerde een onderzoek uit waarbij handhavingsspecialisten op de opgegeven adressen aanbellen, maar geen reactie kregen en betrokkene niet aantroffen.
Op basis hiervan trok het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de bijstand met ingang van 1 februari 2016 in wegens schending van de inlichtingenplicht. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit, stellende dat het onderzoek onvoldoende was omdat niet nader werd onderzocht of betrokkene daadwerkelijk afwezig was.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat het bijstandverlenend orgaan voldoende onderzoek heeft verricht door op verschillende tijdstippen te aanbellen en dat het niet nodig was om extra maatregelen te nemen zoals bellen of kloppen op de deur. De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waarmee het besluit tot intrekking van bijstand in stand blijft.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking van bijstand blijft gehandhaafd.