ECLI:NL:CRVB:2018:175
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid AMA-arts wegens onzorgvuldige medische beoordeling bevestigd
Appellant, werkzaam bij het ministerie van Defensie, bezocht op 12 juli 2011 een algemeen militair arts (AMA-arts) met klachten die later bleken te wijzen op myelitis transversa. De AMA-arts stelde een verkeerde diagnose en verwees appellant niet door, ondanks expliciet verzoek. Appellant stelde de staatssecretaris aansprakelijk voor de gezondheidsschade.
Na diverse medische rapporten, waaronder van prof. dr. H. de Vries, ontstond discussie over de kwalificatie van het handelen van de AMA-arts als 'onzorgvuldig' of 'minder zorgvuldig'. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het deskundigenrapport niet voldeed aan de eisen van artikel 3:9 Awb Pro en dat de AMA-arts onzorgvuldig had gehandeld.
De Raad vernietigde het eerdere besluit en erkende de aansprakelijkheid van de AMA-arts. Tevens werden de kosten van rechtsbijstand en deskundigenvergoeding aan appellant toegekend. De uitspraak trad in de plaats van het vernietigde besluit en bevestigde dat appellant zich voor geleden schade tot de staatssecretaris kan wenden.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep erkent aansprakelijkheid van de AMA-arts wegens onzorgvuldig medisch handelen en vernietigt het bestreden besluit.