Uitspraak
OVERWEGINGEN
.
9 maart 2012) onderschrijft dat “het onwaarschijnlijk is dat zij enigerlei vorm van werk op lange termijn zou aankunnen”. Gelet op de fijne motoriekstoornissen ten gevolge van de ziekte van Parkinson en CIDP, de fatigue, depressie met bijbehorende slaapstoornissen en sederende bijwerkingen van de antidepressiva valt het volgens de deskundige te betwijfelen of de werkneemster veilig langere tijd achtereen beroepsmatig een auto zou kunnen besturen.