ECLI:NL:CRVB:2017:3256
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.H. Bangma
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- M. Kraefft
- Rechtspraak.nl
Verlenging schorsing en tenuitvoerlegging voorwaardelijk strafontslag wegens ernstig plichtsverzuim
Appellante was werkzaam bij de [Dienst] en kreeg in 2010 een voorwaardelijk strafontslag opgelegd wegens ernstig plichtsverzuim, waaronder misbruik van bevoegdheden. Na loonbeslag wegens achterstallige huur startte de staatssecretaris een disciplinair onderzoek, leidend tot schorsing en ontzegging van toegang tot dienstgebouwen.
De staatssecretaris verlengde deze ordemaatregelen meerdere malen vanwege concrete verdenking van ernstig plichtsverzuim, waaronder het niet tijdig indienen van belastingaangiften en onvoldoende verantwoordelijkheid nemen om loonbeslag te voorkomen. Appellante maakte bezwaar tegen deze maatregelen en de tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk strafontslag.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de verlenging van de ordemaatregelen niet-ontvankelijk en wees het beroep tegen de tenuitvoerlegging af. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellante wel procesbelang had bij beoordeling van de ordemaatregelen en dat de verlenging terecht was vanwege de concrete verdenking.
Verder bevestigde de Raad dat het plichtsverzuim ernstig en toerekenbaar was, ondanks psychiatrische problematiek, en dat de staatssecretaris terecht het voorwaardelijk strafontslag ten uitvoer legde. Persoonlijke omstandigheden van appellante vormden geen bijzondere reden om hiervan af te zien.
De Raad vernietigde het niet-ontvankelijkheidsbesluit en verklaarde het beroep tegen de verlenging ongegrond, bevestigde het oordeel over het strafontslag en veroordeelde de staatssecretaris in proceskosten.
Uitkomst: De Raad bevestigt de verlenging van de schorsing en de tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk strafontslag wegens ernstig plichtsverzuim.