ECLI:NL:CRVB:2017:2426
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing Wajong-uitkering na deskundigenonderzoek
Appellante vroeg om een Wajong-uitkering, maar het UWV wees dit af omdat zij naar oordeel van het UWV meer dan 75% van het minimumloon kan verdienen. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat het deskundigenrapport van een door de rechtbank ingeschakelde neuroloog/psychiater de beperkingen van appellante helder en consistent onderbouwde en concludeerde dat zij geschikt is voor functies binnen de Functionele Mogelijkhedenlijst.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat het rapport niet alle beperkingen benoemde, zoals een gebrek aan doelmatigheid, vertraagd handelingstempo, zelfstandigheid en samenwerking, en dat zij één-op-één begeleiding nodig heeft. De Raad oordeelde echter dat het rapport zorgvuldig en diepgaand was en dat de genoemde beperkingen niet overtuigend waren onderbouwd.
De Raad overwoog verder dat de geselecteerde functies geen bijzondere belasting op samenwerken vragen en dat de in de Functionele Mogelijkhedenlijst opgenomen begeleidingsbehoefte (niveau 3) voldoende rekening houdt met de noodzaak van ondersteuning. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de Wajong-uitkering en verklaart het hoger beroep ongegrond.