ECLI:NL:CRVB:2017:2123
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding bij AIO-aanvulling
Appellanten ontvingen vanaf maart 2007 een AOW-pensioen en een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO). De Sociale Verzekeringsbank (Svb) herzag in 2011 de AIO-aanvulling en vorderde een bedrag van €15.303,61 terug wegens niet-vermelde Turkse pensioeninkomsten van appellante. Appellanten maakten geen bezwaar tegen deze besluiten.
In 2014 verzochten zij om herziening, wat door de Svb werd afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden. In 2015 verklaarde de Svb het bezwaar tegen de herzieningsbesluiten deels gegrond, maar het bezwaar tegen de oorspronkelijke besluiten niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep voerden appellanten aan dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was en dat het inlichtingenformulier een nieuw feit vormde. De Raad oordeelde dat de termijnoverschrijding niet was gemotiveerd als verschoonbaar en dat het formulier geen nieuw feit was, bevestigde het bestreden besluit en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de herzieningsbesluiten is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding en het hoger beroep is afgewezen.