ECLI:NL:CRVB:2016:852
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontslag politieambtenaar wegens ongeschiktheid door betrokkenheid bij seksindustrie
Appellante was werkzaam als team-assistent bij de politie en werd onderzocht nadat zij betrokken bleek bij het organiseren en promoten van gangbangs via internetadvertenties, waarbij zij zichzelf aanbood voor seksuele handelingen tegen betaling. Dit werd gezien als onverenigbaar met het politieambt vanwege integriteits- en veiligheidsrisico's.
De korpschef stelde appellante op non-actief en besloot haar te ontslaan wegens ongeschiktheid, omdat zij niet beschikte over de vereiste mentaliteit en grondhouding voor het politieambt. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat de gedragingen van appellante, waaronder het actief deelnemen aan een milieu dat bekend staat om strafbare feiten, het ontbreken van inzicht in de gevolgen van haar handelen en het ontbreken van een verbeterkans, het ontslag rechtvaardigen. Het beroep werd verworpen en het ontslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het ontslag van appellante als politieambtenaar wegens ongeschiktheid wordt bevestigd.