ECLI:NL:CRVB:2016:4112
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing UWV over beëindiging Ziektewet-uitkering wegens voldoende belastbaarheid
Appellant meldde zich ziek wegens vermoeidheidsklachten en ontving een Ziektewet-uitkering. Het UWV stelde op basis van medische onderzoeken vast dat appellant beperkingen heeft, maar geen urenbeperking nodig is en dat hij ten minste 65% van zijn loon kan verdienen.
Appellant betwistte dit en stelde dat zijn slaapstoornis en vermoeidheid een urenbeperking van vier uur per dag rechtvaardigen, ondersteund door rapporten van verzekeringsarts Fokke en een GZ-psycholoog. Het UWV handhaafde haar standpunt op basis van eigen artsen die een uitgebreide anamnese en onderzoek hadden verricht.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de artsen van het UWV zorgvuldig te werk zijn gegaan, alle relevante informatie hebben meegewogen en dat de rapporten van Fokke onvoldoende overtuigend zijn om het oordeel van het UWV te weerleggen. De rechtbank heeft de juiste conclusie getrokken dat appellant niet recht heeft op voortzetting van de uitkering.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de beslissing van het UWV bevestigd dat appellant geen recht heeft op voortzetting van de Ziektewet-uitkering.