ECLI:NL:CRVB:2016:3615
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van matching naar LFNP-functie in ambtenarenrechtelijke zaak politie
Appellant, werkzaam als Onderzoeker/bewerker Veiligheidsonderzoeken en Betrouwbaarheidsonderzoeken, betoogde dat zijn matching naar de LFNP-functie Gespecialiseerd Medewerker C onjuist was en dat hij terecht had moeten worden gematcht als Operationeel Specialist A. Hij stelde dat zijn werkzaamheden direct bijdragen aan operationele politietaken en nationale veiligheid.
De korpschef stelde dat de werkzaamheden van appellant ondersteunend zijn en bijdragen aan een effectief en efficiënt politieapparaat, en dat de matching conform de Regeling overgang naar LFNP-functies is uitgevoerd. De Raad bevestigde dat de formele korpsfunctiebeschrijving leidend is en dat de werkzaamheden van appellant niet direct bijdragen aan operationele politietaken.
Appellant verwees naar een vacature en het gelijkheidsbeginsel, maar de Raad oordeelde dat een vacature geen invloed heeft op de overgangsregeling en dat een fout in een eerdere beslissing niet herhaald hoeft te worden. Ook werd een motiveringsgebrek verworpen omdat het bestreden besluit voldoende inging op de bezwaargronden.
De Raad concludeerde dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat de matching onjuist of onhoudbaar is en wees het hoger beroep af. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend. De aangevallen uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant wordt bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.