ECLI:NL:CRVB:2016:2741
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen onbevoegdverklaring hoger beroep in WWB-zaak ongegrond verklaard
Appellant heeft tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland hoger beroep ingesteld, maar de Centrale Raad van Beroep verklaarde zich onbevoegd om van dit hoger beroep kennis te nemen omdat het appèlverbod van toepassing was.
Appellant deed verzet tegen deze onbevoegdverklaring en stelde dat de rechtbank het gelegde beslag onjuist had beoordeeld en dat een uitspraak van de Hoge Raad relevant was. De Raad oordeelde dat het wettelijk appèlverbod niet doorbroken kon worden omdat er geen sprake was van evidente schending van procesorde of fundamentele rechtsbeginselen.
De Raad concludeerde dat de door appellant aangehaalde Hoge Raad-uitspraak over beslag op nabetalingen niet van toepassing was en dat geen andere gronden voor doorbreking van het appèlverbod aanwezig waren. Het verzet werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzet tegen de onbevoegdverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.