ECLI:NL:CRVB:2016:2370
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening bijstandsuitkering wegens verzwegen contante betalingen en kasstortingen
Verzoeker ontvangt bijstand sinds oktober 2014 en heeft contante stortingen en wekelijkse bijdragen van zijn ouders ontvangen die niet zijn gemeld aan het dagelijks bestuur van de Intergemeentelijke Sociale Dienst Veluwerand. Na onderzoek heeft het dagelijks bestuur de bijstand herzien over de periode oktober 2014 tot november 2015 en de wekelijkse bijdragen van ouders in mindering gebracht op de uitkering.
De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker ongegrond. Verzoeker stelde in hoger beroep dat het om geldleningen ging met een aflossingsverplichting en verwees naar de onderhoudsplicht van ouders volgens artikel 1:392 BW Pro. De Raad overwoog dat de bijdragen van ouders als inkomen in de zin van de Participatiewet moeten worden beschouwd en dat de inlichtingenplicht door verzoeker is geschonden.
De Raad concludeert dat de contante betalingen en kasstortingen terecht als inkomen zijn aangemerkt en dat de bijstand daarom terecht is herzien. Het beroep van verzoeker wordt verworpen en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.